De spieren in de rug trainen: wat is de beste manier? Welke oefening doe je voor welke spier en hoe beïnvloed je hiermee het uiterlijk en de spiergroei van je rug? Welke techniek en welke greep moet je hanteren bij bijvoorbeeld het doen van oefeningen zoals optrekken en lat pulldowns?
Het is fascinerend hoe verschillende grepen en technieken de activiteit van spieren kunnen beïnvloeden. Wetenschappelijk onderzoek, met name door middel van elektromyografie (EMG), biedt inzicht in deze mechanismen, hoewel de resultaten soms tot discussie leiden.
Anatomie van de Rug: De Basis voor Effectieve Training
Om de rug effectief te trainen, is het essentieel om de anatomie ervan te begrijpen. De rugspieren bepalen grotendeels het uiterlijk en de functionaliteit van dit lichaamsdeel. De onderrug, met het kenmerkende "kerstboomeffect", wordt voornamelijk bepaald door de onderste vezels van de Erector Spinae. Deze spier draagt ook bij aan de dikte van het midden en de bovenrug, zij het in mindere mate dan de Trapezius en Rhomboideus.

Nu je weet welke spieren het aangezicht van je rug bepalen en hoe, kun je de nadruk leggen op het ontwikkelen van bepaalde spieren. Wat betreft de rug kan je bijvoorbeeld extra aandacht kunnen willen geven aan de bovenkant van de rug of juist de onderkant, of nadruk kunnen leggen op wijdte of dikte van de rug.
De Latissimus Dorsi: Sleutel tot een Brede Rug
Wil je een brede "gevleugelde" rug dan bereik je dit door de Latissimus Dorsi, "de breedste rugspier" te trainen. Latissimus betekent "breedste" en Dorsi verwijst naar het feit dat het een dorsale spier is, dat wil zeggen een spier aan de achterzijde van het lichaam. Origo en insertie zijn de plaatsen waar een spier (middels een aanhechting) verbonden is met bot. Origo, het begintpunt, ligt bijna altijd het dichtst bij het hart en is meestal verbonden aan het niet bewegende deel van het lichaam. Als je kijkt naar de afbeeldingen van de Latissimus dan zie je dat deze de origo hebben in de ruggenmerg (de onderste 3 of 4 ribben) en het onderste deel van het schouderblad. Vooral op de tweede afbeelding zijn deze verschillende punten van origo duidelijk afgebeeld.
De Latissimus Dorsi, of "the lats" in bodybuildtermen, heeft verschillende functies. Als je bedenkt dat een spier alleen kan trekken en weet aan welke punten deze trekt dan kan je ook al weten voor welke bewegingen de spier verantwoordelijk is. Een belangrijke functie is adductie van de armen: "Naar het lichaam toebrengen" van de armen wanneer deze naar voren of opzij zijn uitgestoken.

EMG Onderzoek: De Invloed van Grepen op Spieractiviteit
EMG-studies (electromyografie) bieden waardevolle inzichten in de activiteit van spieren tijdens verschillende oefeningen. Hoewel deze onderzoeken soms tot verschillende conclusies leiden, zijn ze cruciaal voor het begrijpen van de effectiviteit van diverse trainingsmethoden.
Onderzoek van de afdeling Kinesiology van Pennsylvania State University, met behulp van EMG, analyseerde de activiteit van de Latissimus Dorsi, Biceps en Trapezius tijdens de lat pulldown met verschillende grepen. De resultaten toonden aan dat een overhandse wijde greep de latissimus evenveel aanspreekt als een overhandse, smalle greep. Onderzoekers van de University of Miami kwamen tot dezelfde conclusie, wat aangeeft dat veranderingen in de greep de activiteit van specifieke spieren tijdens de lat pulldown beweging beïnvloeden.
De discussie over de beste greep voor de lat pulldown (overhands, onderhands, wijd of smal, voor het hoofd of achter het hoofd) blijft levendig. Hoewel zowel de onderzoekers uit Miami als de Canadezen concludeerden dat de wijde, overhandse greep de Latissimus het meest activeert, laten andere onderzoeken weer andere resultaten zien.
Een overzicht van EMG-onderzoeken door Buskies en Boeckh-Behrens toonde aan dat de lat pulldown met smalle onderhandse grip, achterover hellend, de meeste activiteit genereert, gevolgd door de lat pulldown achter het hoofd met wijde grip, rechtop zittend. Het achterover hangen tijdens de lat pulldown is niet per se negatief; het kan de beweging meer laten lijken op een verticale row of bend over barbell row, waarbij de schouderbladen naar achteren in plaats van naar beneden worden getrokken.
Bij het uitvoeren van de lat pulldown is het belangrijk om twee zaken te vermijden: het onnodig heen en weer bewegen van de romp en het te ver naar buiten laten komen van de ellebogen. Bij een overhandse greep moeten de ellebogen dicht bij de romp blijven, niet verder dan 45 graden, om de activiteit van de Latissimus Dorsi te maximaliseren. Meer dan 45 graden train je meer de schouders.

Onderzoek van Dr. Tudor Bompa, inclusief T-bar row, bend over barbell rows en dumbell rows, voegde waardevolle data toe. Een Braziliaans onderzoek vergeleek de invloed van de lat pulldown met uitvoeringen voor en achter het hoofd, zonder significant verschil in belasting van de Latissimus Dorsi te vinden.
Optrekken: Een Fundamentele Rugoefening
Optrekken is een van de bekendste oefeningen voor de Latissimus Dorsi en kan, net als de lat pulldown, op verschillende manieren worden uitgevoerd. Onderzoek naar chin-ups en pull-ups liet verschillen zien in de belasting van diverse spieren en de volgorde van spieractivatie. De onderzoekers vermoedden dat bij deze beweging eerst de lage Trapezius en Pectoralis worden belast, gevolgd door de Biceps en Latissimus Dorsi.
De Duitse onderzoekers Buskies en Boeckh-Behrens vergeleken ook verschillende uitvoeringen van optrekken. Hun resultaten verschilden van die van de lat pulldown, waarbij trekken tot achter het hoofd en een onderhandse greep als betere oefeningen werden gezien dan voor het hoofd en overhands.
Variatie en Focus: Essentieel voor Spiergroei
Het is belangrijk om te beseffen dat de verschillen in spieractiviteit tussen diverse oefeningen en grepen vaak niet groot genoeg zijn om variatie te negeren. Het lichaam went aan elke oefening, en variatie zorgt ervoor dat het lichaam blijft reageren. Hoewel een onderhandse greep mogelijk de latissimus dorsi tien procent meer activeert, is dit geen reden om uitsluitend deze greep te gebruiken. Afwisseling met andere oefeningen is cruciaal.
Daarnaast speelt de mentale focus een grote rol. Ervaren bodybuilders kunnen zich beter focussen op de spieren die ze willen trainen, wat de effectiviteit van de oefening vergroot. Onervaren sporters daarentegen zijn zich vaak niet bewust van welke spieren ze trainen.
De Rol van Vezelrichting en Greep bij de Latissimus Dorsi
De vezelrichting van de Latissimus Dorsi suggereert dat specifieke delen van de spier kunnen worden getraind door verschillende bewegingen. De horizontale vezels aan de bovenkant en het midden lopen van het midden naar buiten, terwijl de onderste vezels meer diagonaal naar boven lopen. De vezels aan de buitenkant lopen diagonaal, bijna verticaal van onder naar boven, en trekken vooral naar beneden (extensie) vanuit een positie waarin de armen omhoog zijn geheven.
Bij een wijde greep wijzen de armen niet meer volledig omhoog, maar schuin omhoog en naar buiten. Dit betekent dat hoe wijder de greep, hoe minder flexie en dus minder extensie plaatsvindt. Dit beïnvloedt de activiteit van de buitenste vezels van de Latissimus Dorsi. Er zijn echter geen onderzoeken bekend die de EMG-activiteit van de verschillende delen van de Latissimus Dorsi hebben gemeten om dit definitief aan te tonen.
Twee onderzoeken toonden aan dat de overhandse greep de Latissimus Dorsi meer activeert dan een onderhandse greep. Hoewel men met een onderhandse greep vaak zwaarder kan trainen, blijkt dit niet te wijten aan een grotere hulp van de biceps, zoals vaak wordt aangenomen. Onderzoek van Pennsylvania State en de Canadezen toonde geen verschil in bicepsbelasting tussen beide grepen.
Uiteindelijk kan de Latissimus Dorsi ook meer geactiveerd worden door simpelweg op de spier te focussen tijdens de oefening, zoals aangetoond door onderzoek van de University of South Carolina.
Triceps Training: Essentieel voor Sterke Armen en Bovenlichaam
Naast de rugspieren zijn de triceps van cruciaal belang voor een sterk bovenlichaam en indrukwekkende armen. De triceps, gelegen aan de achterkant van de bovenarm, bestaat uit drie koppen: de lange kop, de laterale kop en de mediale kop. De lange kop is het meest zichtbaar en zorgt voor het strekken van de elleboog en zijwaartse bewegingen vanuit de schouders. De laterale en mediale koppen zijn sterk en geschikt voor snelle, krachtige bewegingen, maar raken sneller vermoeid.
Het is niet mogelijk om de verschillende spierkoppen apart te trainen; het is een kwestie van "alles of niets". Bij vrijwel elke tricepsoefening wordt de mediale kop gebruikt.

Effectieve Tricepsoefeningen
Er zijn tal van tricepsoefeningen die thuis of in de sportschool uitgevoerd kunnen worden, vaak met minimale benodigdheden.
- Cable Pushdowns: Houd de onderrug recht en de core aangespannen. Neem de bar vast met een wijde greep en duw deze naar beneden tot aan de heupen, met de ellebogen in een hoek van 90 graden. Dit kan ook met een triceps touw.
- Overhead Cable Extensions: Ga voor het kabelstation staan, pak de kabels vast en breng ze boven je hoofd. Strek je armen, houd het lichaam stil en buig de ellebogen langzaam totdat ze net onder de 90 graden zijn, met de handen achter het hoofd. Zorg dat de ellebogen naar voren wijzen.
- Dips met Gewicht: Doe een riem om, bevestig een halterstang en maak deze vast aan de riem. Neem de dip-houding aan bij een dipstation of power tower. Laat de ellebogen zo min mogelijk naar buiten wijzen tijdens het dippen.
- Skullcrushers: Ga op een bankje liggen met de voeten plat op de vloer. Houd de curlstang boven de borst met de handpalmen naar boven. Buig de ellebogen en laat de gewichten langzaam zakken tot net boven het voorhoofd, zonder dat de ellebogen uit elkaar bewegen.
- Bench Dips: Zet handen op een trainingsbankje en plaats voeten naar voren. Laat jezelf door de armen zakken tot de ellebogen in een hoek van 90 graden zijn, met de ellebogen naar achteren wijzend.
- Diamond Push-ups: Neem een plankhouding aan met handen onder de borst, waarbij duimen en wijsvingers elkaar raken in een ruitvorm. Voer een push-up uit met de ellebogen zo strak mogelijk langs het lichaam.
- Overhead Dumbbell Extensions (zittend): Ga op een trainingsbankje zitten en pak in elke hand een dumbbell. Breng de dumbbells boven het hoofd en strek de armen recht. Houd het lichaam stil en laat de handen gecontroleerd naar achteren zakken tot de ellebogen net onder de 90 graden zijn, terwijl de ellebogen op dezelfde plek blijven.
- One Arm Dumbbell Kickbacks: Plaats één knie op een trainingsbankje en gebruik de andere hand ter ondersteuning. Pak een dumbbell met de vrije hand, breng de bovenarm dicht bij het bovenlichaam en buig de elleboog tot een hoek van 90 graden. Til vervolgens alleen de elleboog op tot de arm volledig gestrekt is. Herhaal voor beide armen.
- Dumbbell Kickbacks (liggend): Ga op een bankje liggen en pak een dumbbell. Breng de dumbbell boven het hoofd en strek de armen recht. Houd het lichaam stil en buig de ellebogen langzaam, laat de dumbbell achter het hoofd zakken tot de armen net onder de 90 graden zijn, met de ellebogen naar boven wijzend.
Er wordt geen onderscheid gemaakt tussen tricepsoefeningen voor mannen en vrouwen; dezelfde oefeningen zijn voor beiden geschikt.

Belangrijke Feiten over de Triceps
- Triceps betekent letterlijk '3 koppen' in het Latijn. De volledige wetenschappelijke naam is 'musculus triceps brachii'.
- Ongeveer tweederde van de spiermassa in de armen wordt gevormd door de triceps, waardoor deze gemiddeld 2 keer zo groot is als de biceps.
- Het trainen van de triceps helpt bij het verbeteren van de armdefinitie en functionaliteit.
- Veel zoogdieren hebben ook een triceps, soms zelfs met een vierde kop.
Balans in Krachttraining en Herstel
Voor natuurlijke spieropbouw is een evenwichtige training van het gehele lichaam essentieel. Naast tricepsoefeningen is het belangrijk om ook de biceps, schouders, borstspieren en andere spiergroepen te trainen.
Voeding speelt een cruciale rol in het herstelproces van de spieren. Eiwitten, te vinden in zowel dierlijke als plantaardige producten, bevorderen dit herstel.
Trainingsschema voor Rug en Triceps: Een Voorbeeld
Een mogelijke trainingsroutine kan bestaan uit:
- Warming-up: Supersets van pull-ups en dips (4 sets).
- Rugtraining:
- Een oefening met 50% van het maximale gewicht voor 15 herhalingen, met elke set het gewicht verhogend en 45-60 seconden rust. Na 4 sets, nogmaals het gewicht verhogen en een dropset doen.
- Deadlifts: Gebruik een belt voor stabiliteit in de onderrug en core. Houd een constant gewicht aan en focus op een goede contractie in de lats en middenrug door deze goed dicht te knijpen en rustig terug te gaan naar de beginpositie.
- Bent-over rows: Houd de rug recht en blijf zo laag mogelijk om de bovenrug mee te nemen. Knijp de bovenrug hard samen en laat de stang rustig zakken om maximale spanning te behouden. Doe 4 sets, 15 herhalingen, waarbij het gewicht bij elke set met 20 kg wordt verhoogd.
- T-bar rows: Sluit de rugtraining af met deze oefening, waarbij korte rustpauzes worden genomen en zo zwaar mogelijk wordt getraind zonder de vorm te verliezen.
Het is belangrijk om bij rugoefeningen te focussen op een goede contractie en spanning in de spieren, vooral door de midden- en bovenrug goed dicht te knijpen.
Spierpijn in de Triceps na Rugtraining: Een Verklaring
Het kan voorkomen dat je meer spierpijn in je triceps voelt na een rugtraining dan in je rugspieren zelf. Dit is niet ongebruikelijk, aangezien de triceps vaak stabiliserend werk verrichten tijdens rugoefeningen.
Oefeningen zoals pullovers en optrekken kunnen bijdragen aan deze spierpijn, omdat de triceps hierbij betrokken zijn om de beweging te controleren of te assisteren.
Triceps Tendinopathie: Een Overbelastingsletsel
Triceps tendinopathie is een overbelastingsletsel van de tricepspees, vaak veroorzaakt door herhaalde of langdurige activiteiten die de pees zwaar belasten, zoals zwaar duwen of het strekken van de elleboog tegen weerstand.
Symptomen kunnen zijn: pijn aan de achterkant van de elleboog, stijfheid, zwelling en spierzwakte. Fysiotherapie is doorgaans effectief voor herstel.

Fysiotherapeutische behandelingen kunnen bestaan uit: weke delen massage, dry needling therapie, triggerpointtherapie en elektrotherapie. In sommige gevallen kan verder onderzoek, zoals röntgenfoto's, ultrasound, CT-scans of MRI, nodig zijn.