Wil je fitter worden, twintig kilo afvallen, of heb je zelfs plannen om de Alpe d'Huez op te fietsen of 200 kilometer op de Weissensee te schaatsen? Ik snap wat het is om alles uit jezelf te halen. Als topsporter deed ik er alles aan om de beste te worden. Ik wilde wereldkampioen worden en daar heb ik met veel plezier hard voor gewerkt.
Bart Veldkamp (Den Haag, 22 november 1967) is een voormalig langebaanschaatser die tot 1996 voor Nederland reed, en van 1996 tot 2006 voor België uitkwam. Sinds 1997 heeft hij ook de Belgische nationaliteit en deed hij onder een Belgische licentie mee aan (inter)nationale wedstrijden. Na zijn schaatsloopbaan is hij onder meer analist bij de NOS. Van 2007 tot 2009 is hij twee seizoenen lang coach van de Amerikaanse schaatsploeg geweest en tussen 2010 en 2012 was hij coach bij de TVM-schaatsploeg.
Tijdens mijn schaatscarrière studeerde ik af als Bewegingswetenschapper aan de VU in Amsterdam. Met Beter Trainen zoek ik naar verbeteringen in fysieke ontwikkeling en trainingsprogramma's. Als inspanningsfysioloog voer ik inspanningstesten uit en schrijf ik trainingsprogramma's op maat. Een inspanningsstest geeft inzicht in de fysieke conditie. Het is een mooi uitgangspunt om een passend trainingsprogramma op te stellen.
Daarnaast geef ik trainingen. Personal training, groepstrainingen en clinics voor individuen, groepen, bedrijven en verenigingen. Het maakt niet uit wat je doel is. Wil je fit worden, een marathon rennen of de Marmotte fietsen? Wil je ‘pootje over’ leren schaatsen, beter leren skeeleren of een persoonlijk record schaatsen? Of wil je een gezellig en sportief uitje hebben met het bedrijf of de vereniging.
Samen met Peter de Vries begeleid ik daarnaast de marathon schaatsers van Team Jumbo. Het team bestaat uit de schaatsers Harm Visser, Robert Post, Mats Stoltenborg, Homme Jan de Groot en Chiel Smit. We werken keihard met als doel zoveel mogelijk podiumplekken en overwinningen te behalen. Ik ben daarbij verantwoordelijk voor de fysieke ontwikkeling.
In 1985 en 1986 deed Veldkamp mee aan de Elfstedentocht. Veldkamp debuteerde in 1989 bij het Europees kampioenschap schaatsen, nadat hij in 1988 in Canada de eerste wereldkampioen marathonschaatsen was geworden; de Jack Barber Challenge World Championship. In dat olympische seizoen miste Veldkamp nipt een afvaardiging naar Calgary, doordat Herbert Dijkstra hem op het beslissende ogenblik voorbleef. In 1990 werd hij Europees kampioen en derde bij het wereldkampioenschap.
In 1992 won Veldkamp de enige Nederlandse gouden medaille bij de Olympische Winterspelen 1992 op de IJsbaan van Albertville door op de 10 kilometer met een eindtijd van 14.12,12 slechts 2,4 seconden sneller te rijden dan de Noor Johann Olav Koss. Hiervoor werd hij dat jaar benoemd tot Sportman van het Jaar. Veldkamp won drie maal de wereldbeker (World Cup) over 5 en 10 kilometer.
Vanaf 1996 kwam Veldkamp uit voor België om de strenge en afmattende Nederlandse kwalificatiewedstrijden voor de grote toernooien te ontlopen. Door ‘schaatsbelg’ te worden, kon de geboren Hagenaar zich probleemloos voorbereiden op belangrijke toernooien. Op 4 januari 1997 heeft Bart Veldkamp meegedaan aan de Elfstedentocht. Hij eindigde hierbij op de 29e plaats, met 39 minuten achterstand op winnaar Henk Angenent. Na deze Elfstedentocht antwoordde Veldkamp op de vraag of hij nog een beetje had afgezien: “Dit was vreselijk.”
In de Olympische Spelen van 1998 in Nagano was Veldkamp de eerste schaatsenrijder die op de vijf kilometer sneller reed dan 6:30 minuut, maar hij werd in diezelfde wedstrijd later nog gepasseerd door de Nederlanders Gianni Romme en Rintje Ritsma. Wel won Veldkamp de eerste olympische schaatsmedaille namens België. Twee dagen voordat hij de 10 kilometer zou rijden, kreeg hij griep. Ondanks (of dankzij) het feit dat Veldkamp voor België uitkwam bleef hij populair bij de Nederlandse schaatssupporters.
In 2001 was Veldkamp dicht bij een allroundtitel en in Baselga reed hij dat jaar een baanrecord - dat nog steeds staat - op de 10 kilometer: 13.38,72. Zijn populariteit heeft hij behalve aan zijn goede prestaties ook te danken aan zijn emotionele en spontane reacties, vooral als hij slecht gepresteerd heeft. Meerdere malen heeft hij na een race aangekondigd te stoppen met schaatsen, maar altijd ging hij verder. In 2003 kondigde hij aan te blijven schaatsen tot en met de Olympische Spelen van 2006 in Turijn. De Spelen in Turijn waren de vijfde in zijn loopbaan. Veldkamp wist zich niet direct te kwalificeren, maar door afzeggen van de Fin Jarmo Valtonen en de Fransman Tristan Loy lukte het alsnog.
Al in november 2003 gaf Veldkamp in het boek Schaatsen doe je zo, geschreven door Maarten Westermann, tips over de voorbereidingen, kleding, voeding en techniek in het schaatsen. Voor het seizoen 2006/2007 gaf Veldkamp als analist commentaar bij de NOS bij schaatswedstrijden. Dit pakt hij weer op met ingang van seizoen 2009/2010. Vanaf november 2006 trainde hij voor het tv-programma Kluners uit Kenia vier Kenianen: Edwin Kemboi Kiyeng, Jimmy Kipkemboi Kering, Shadrack Kapchedureser en Michael Fayo. Zij hadden nog nooit eerder in hun leven ijs gezien.
Vanaf het schaatsseizoen 2007/2008 was Veldkamp de coach van de Amerikaanse schaatsploeg. Ondanks dat hij een aanstelling had tot de Olympische Winterspelen van 2010 in Vancouver, werd hij in april 2009 ontslagen door de Amerikaanse schaatsbond. Vanaf 2012 begeleidt Veldkamp de Belgische langebaanschaatsers, waaronder Bart Swings die met Veldkamps ondersteuning ook Veldkamps laatste nationale record (op de 5000 meter) verbeterde. Op 24 maart 2013 gaf Veldkamp aan voor 1 mei een Belgisch-Nederlandse schaatsploeg te creëren van zes schaatsers, een trainingsstaf en een begeleider met daarin oud-TVM'er Jan Blokhuijsen. Uiteindelijk koos Blokhuijsen voor Team Corendon en coacht Veldkamp nu vijf Belgen en één Fransman onder de naam Team Stressless. In juni 2015 stopte Veldkamp als coach bij Team Stressless. Een jaar later stopte heel Team Stressless.

De oudere schaatsliefhebbers kennen hem als bevlogen coach met de oranje muts op het hoofd. Hij had er genoeg van in zijn kast liggen om nooit zonder te hoeven zitten. Met dat herkenbare hoofddeksel begeleidde Leen Pfrommer vele schaatsers naar Europese, wereld- en olympische titels. Hij was echter niet te beroerd om, zelfs op hoge leeftijd, ook mindere goden de kneepjes van de schaatssport bij te brengen.
Leendert Christiaan Pfrommer wordt 31 augustus 1935 geboren in Harderwijk. Hij is het derde kind in een gereformeerd gezin met elf kinderen. Als jongen voetbalt Leen bij VVOG en schaatst hij bij ijsclub Volmoed. Vader Pfrommer is slager van beroep en ziet in Leen zijn toekomstig opvolger als die na drie jaar de HBS verlaat. De dienstplicht roept. De jonge Pfrommer gaat het leger in en dat bevalt kennelijk zo goed, dat hij beroepsmilitair wordt. Defensie biedt hem de gelegenheid de sportacademie te volgen, waarna hij als sportinstructeur emplooi krijgt bij de Koninklijke Militaire Academie (KMA) in Breda. Hij klimt op tot de rang van luitenant-kolonel. Als schaatser is hij een verdienstelijk sprinter, die het niet verder schopt dan de subtop. Als trainer/coach zal hij echter uitgroeien tot een ware kampioenenkweker.
Pfrommer begint in 1965 bij het Gewest Drenthe van de KNSB, waar Jan Bols een van zijn eerste pupillen is. Pfrommer wordt in datzelfde jaar bondscoach, waar hij ook het duo Ard Schenk en Kees Verkerk onder zijn hoede krijgt. Hij eist keiharde arbeid van ze, inzet en discipline. “Wij zijn als mens van nature lui, ook Ard Schenk. Maar een topsporter kan en mag niet lui zijn als hij topprestaties wil leveren”, zegt Pfrommer daarover in een tv-interview. Zijn aanpak werpt vruchten af, zeker als hij de jongere Schenk bevrijdt van de mentale plaagstoten van de gewiekste Verkerk. “Zo Ard, wie wordt er dit keer tweede: Bols of jij?” Pfrommer haalt de twee als kamergenoten uit elkaar. Met succes. Pfrommer staat symbool voor de omslag die het Nederlandse schaatsen eind jaren 60, begin jaren 70 maakt. Als je iemand de grondlegger zou moeten noemen van de hegemonie van het Nederlandse schaatsen dan is hij het wel.
Pfrommer zal, met tussenpozen, ruim 35 jaar schaatscoach blijven. Het liefst begeleidt hij jonge talenten naar de (wereld)top. Hij werkt met meer dan honderd schaatsers, van wie hij Schenk de grootste van allemaal zal noemen. In het rijtje van Pfrommers pupillen staan echter nog vele grote namen, onder wie Piet Kleine, Harm Kuipers, Hans van Helden, Marianne Timmer, Jan Bos, Erben Wennemars, Rintje Ritsma en Falko Zandstra. Zelf een fervent hardloper heeft Pfrommer een grote kennis op het gebied van conditietrainingen. De Nederlandse schaatsers doen er hun voordeel mee. Hij is veeleisend voor zijn schaatsers, past militaire strengheid op hen toe, maar toont vooral ook warmte en vaderlijke betrokkenheid.
Als Piet Kleine na zijn succes (goud en zilver) op de Spelen van 1976 werkloos dreigt te worden, maakt Pfrommer minister Van Doorn erop attent dat Kleine graag postbode wil worden. Tegenwoordig zien we veel oud-schaatsers en -coaches terug als tv-analist, Pfrommer is in de jaren 80 al co-commentator bij de NOS. Dat doet hij met dezelfde hartstocht die hem ook als trainer kenmerkt. Legendarisch is zijn commentaar bij de WK allround van 1981 in Oslo, als Hilbert van der Duim te vroeg finisht op de vijf kilometer. “Hilbert jongen, je moet nog een rondje”, horen we Pfrommer hem als coachende commentator toebijten. Het tv-werk is een uitstapje voor Pfrommer, zoals hij in 1998 ook even aan de politiek zal proeven. Namens de VVD wordt hij gekozen tot raadslid in de gemeente Ermelo. Daar is hij actief op de voor hem bekende wijze: gedreven en aimabel. Hij heeft zijn huiswerk goed voor elkaar, maar heeft moeite met het politieke spel.
Zoals bijna elke coach in de schaatswereld pakt Pfrommer helaas ook zijn conflicten mee. In 1997 moet hij stoppen als bondscoach, omdat rijders in opstand komen tegen zijn te strenge aanpak. Iets vergelijkbaars overkomt hem in 2001 bij de DSB-ploeg. En als bondscoach krijgt hij in 1997 nog een keer zijn congé, na een ruzie met de KNSB over salariëring. In de schaatswereld blijft hij zich thuis voelen. Twee weken terug nog, daags voor Koningsdag, is hij vrolijk en vief present bij een grote reünie van rijders en coaches in Leusden. Niemand die dan kan vermoeden dat dit zijn laatste schaatsfeestje zal zijn.
De Zwolse topsprinter van weleer, die goud won op de 500 meter op de Winterspelen van Sotsji in 2014, gaat de Australiër Daniel Greig bijstaan. "Ik heb in 2022 heel bewust even afstand genomen van de sport, na ruim zestien jaar actief te zijn geweest als schaatser en trainer", zegt de 37-jarige Mulder. "Ik wilde mijn blik verruimen en heb het afgelopen jaar andere leuke dingen gedaan. Maar het begon toch weer te kriebelen." "Ik heb contact opgenomen met Daniel, die ik goed ken uit het verleden. Hij is met Team Novus een prachtig nieuw initiatief begonnen. Dat is goed voor de internationale ontwikkeling van de schaatssport." Greig is zeer verheugd met de komst van Mulder, die in zijn carrière ook twee wereldkampioen sprint werd. "Michel is een geweldige aanvulling op onze trainingsstaf, die nu compleet en van een zeer hoog niveau is." Ook voormalig marathonloper Michel Butter maakt deel uit van de technische staf. Team Novus herbergt schaatsers uit onder meer Groot-Brittannië, Oostenrijk, België en Nederland. De Oostenrijkse Vanessa Herzog veroverde afgelopen seizoen zilver op de 500 meter bij de WK afstanden, de Brit Cornelius Kersten behaalde WK-brons op de 1000 meter.
