Na een rugoperatie, zoals een decompressie van het wervelkanaal of een herniaoperatie, is een zorgvuldig herstelproces essentieel voor een optimaal resultaat. Dit proces omvat een combinatie van rust, gedoseerde beweging en specifieke oefeningen om de rug te versterken en de functionaliteit te herstellen. De eerste periode van herstel staat in het teken van wondgenezing, gedoseerd bewegen en rust. Het is belangrijk om voldoende af te wisselen in het zitten, staan en liggen. Zorg er voor om niet te lang in dezelfde houding te zitten of te staan door na 15 tot 20 minuten van houding te wisselen.
De rug is de eerste periode van herstel minder belastbaar, dus uiterste bewegingen in de rug mogen niet gemaakt worden. Het is belangrijk om, vooral in de eerste weken, goed te letten op uw houding en de bewegingen die u maakt. Blijf in beweging door beweegmomenten zoals wassen/aankleden, eenvoudige maaltijden bereiden, lopen en traplopen en wissel dat af met rustmomenten liggend op de bank of bed. Ook eiwitrijk eten is belangrijk. Zo bent u goed voorbereid en weet u wat u kunt verwachten.
Pijn is een waarschuwingssignaal. Negeer pijn nooit. Het is verstandig om met 2-3 oefeningen te beginnen. Kies zelf een oefening die het prettigst aanvoelt. Kijk of er een reactie volgt na het voltooien van de oefeningen. Wordt de klacht erger? Stop en overleg met de therapeut wat te doen. De reactie kan ook de volgende dag merkbaar zijn. Voer deze oefening niet te gehaast uit. De oefening moet nauwkeurig en gecontroleerd worden uitgevoerd. Blijf alert tijdens de oefening en focus op de beweging.
Het Belang van Houding en Beweging
Een goede houding is cruciaal tijdens het herstel. Dit geldt voor alle dagelijkse activiteiten, van in bed gaan tot het uitvoeren van huishoudelijke taken.
In bed gaan / uit bed komen
Het is belangrijk dat u op uw houding let wanneer u in bed gaat en uit bed komt. Om de rug zo min mogelijk te belasten wordt geadviseerd op onderstaande wijze in en uit bed te gaan.
Uit bed komen: Wanneer u op uw rug in bed ligt, is het de bedoeling dat u start met uw knieën te buigen. De volgende stap is op uw zij draaien. Denk er hierbij aan dat uw heupen en schouders tegelijkertijd draaien. Vervolgens kunt u uw benen over de bedrand bewegen en uzelf met uw elleboog en de andere hand omhoog duwen. U zit nu op de rand van het bed.
In bed gaan: Wanneer u weer terug in bed gaat, is het de bedoeling dat u eerst op de rand van het bed gaat zitten, vervolgens op uw zij gaat liggen en daarna uw benen in bed legt. U draait met gebogen knieën uw heupen en schouders tegelijkertijd naar rugligging.

Zitten
Houd een goede zithouding aan. Een goede zithouding is een positie waarbij u met uw voeten steunt op de vloer, de knieën ongeveer 90 graden gebogen zijn en de rug ondersteund is. Een stoel met een hoge rugleuning die u zowel hoog als laag in de rug ondersteunt, heeft daarin vaak de voorkeur. Probeer zo ontspannen mogelijk te zitten en het zitten voldoende af te wisselen met beweging. Voorkom dat u onderuitgezakt gaat zitten.
De stoel waarop u zit moet hoog genoeg zijn. U moet recht kunnen zitten met uw voeten op de grond. Probeer ontspannen te zitten met uw billen achter in de stoel en uw rug tegen de rugleuning. Let op dat u niet onderuitgezakt zit. Dat is het makkelijkst op een stoel met een hoge, licht achterover hellende rugleuning met voldoende steun in de onderrug. Zit de eerste 2 weken na de operatie maximaal 15 minuten achter elkaar. Ga regelmatig even staan of lopen (3 minuten staan of lopen). Na 2 weken mag u goed gesteund wat langer zitten en kunt u het zitten binnen de pijngrens stapsgewijs opbouwen.

Staan
Het is belangrijk dat u het gewicht zo veel mogelijk over beide benen verdeelt. Probeer niet te lang stil te staan en voldoende van houding te wisselen.
Liggen
Zorg ervoor dat uw matras voldoende ondersteuning biedt. Overdag is het belangrijk dat u uw rug kunt ontlasten door regelmatig even te gaan liggen.
Specifieke Oefeningen en Activiteiten
Na de operatie is het belangrijk om gecontroleerd te bewegen en specifieke oefeningen uit te voeren om het herstel te bevorderen. Deze oefeningen zijn gericht op het stabiliseren van de rug en het versterken van de omliggende spieren.
Wandelen
Na de operatie mag u gelijk starten met wandelen. Draag stevige schoenen met een goed voetbed en probeer te voorkomen dat u gaat slenteren. Loop met een rechte rug en span de buikspieren hierbij licht aan. U mag elke dag een afgesproken afstand wandelen en dat uitbreiden naar kunnen. Voor uw herstel is het goed om met grote regelmaat korte afstanden te wandelen. Het regelmatig wandelen van korte afstanden is beter dan eenmalig/enkele malen een lange afstand. Houd als doel: dat u 1 maand nadat u weer thuis bent 1 tot 1,5 uur achter elkaar kunt wandelen.
Bukken
Het zal wel eens voorkomen dat u iets van de grond wilt rapen. Het is verstandig om tijdens het bukken door de knieën te gaan en uw rug recht te houden. Vermijd het draaien van uw romp. Draai de heup en de schouders tegelijk wanneer u zich omdraait.
Tillen
Probeer tillen in de eerste zes weken na de operatie te vermijden. Wanneer u iets moet tillen is het goed om te weten dat u niet meer dan 5 kilo mag tillen. Het is belangrijk het voorwerp wat u tilt dicht bij u te houden en niet een te grote lastarm te creëren. Na de eerste periode van herstel, dit zal na 6 weken zijn, mag u het tillen geleidelijk opbouwen naar kunnen. De eerste 4 weken is het advies niet zwaarder te tillen dan 3 kg. Na 4 weken mag u stapsgewijs het aantal kilogrammen opvoeren binnen de pijngrens. Houd het voorwerp dicht bij uw lichaam.
Huishoudelijk werk
Wanneer u zich goed kunt redden in het doen van alledaagse bezigheden, zoals de persoonlijke verzorging en uzelf verplaatsen, dan kunt u gaan starten met licht huishoudelijk werk, bijvoorbeeld stoffen, strijken, afwassen en afdrogen. Let bij het doen van deze huishoudelijke taken op uw houding. Binnen 6 weken tot 3 maanden mag u deze huishoudelijke taken uitbreiden en na 3 maanden kunt u proberen weer geheel mee te draaien in het huishoudelijk werk. De eerste 4 weken mag u geen zwaar huishoudelijk werk doen. Bijvoorbeeld stofzuigen, schrobben, bedden opmaken en in de tuin werken. Tuinieren is altijd zwaar voor uw rug en nek.
Autorijden
Uw chirurg bepaalt wanneer u weer mag beginnen met rijden. Probeer autorijden de eerste periode te vermijden en moet u onverhoopt toch rijden, vermijd dan ritten langer dan 20 minuten. Ga bij uw verzekeringsmaatschappij na of u verzekerd bent in de periode na de operatie. De eerste 6 weken na de operatie kunt u de rugleuning in de auto het beste laag plaatsen, zodat u meer ligt dan zit. Hierdoor komt er minder druk op uw rug.
Fietsen
Ongeveer 4 tot 6 weken na ontslag kunt u weer gaan starten met fietsen. Begin rustig en bouw het fietsen geleidelijk op qua intensiteit. Wees hierbij voorzichtig met het opstappen en afstappen van de fiets. Na ongeveer 6 weken kun je gaan fietsen. Je dient bij voorkeur op een asfaltweg te gaan fietsen.
Sportbeoefening
De eerste 6 weken na de operatie mag u niet sporten. Het is belangrijk dat, voordat u uw sportactiviteiten weer hervat, de basisvoorwaarden daarvoor goed zijn. Wanneer alledaagse bezigheden weer probleemloos uitgevoerd kunnen worden, kunt u weer rustig aan proberen te sporten. Belangrijk is te luisteren naar het lichaam en wanneer u klachten krijgt kunt u beter stoppen. Ten aanzien van contactsporten dient met de chirurg besproken te worden wanneer dit weer mogelijk is. Na een paar maanden mag u weer sporten. Overleg dit met uw arts of de fysiotherapeut.
Geslachtsgemeenschap
Seksuele gemeenschap is toegestaan. U dient er wel rekening mee houden dat dit belastend kan zijn voor de rug.
Beweegregels na een hernia-operatie
Specifieke Oefeningen voor Stabilisatie
In het ziekenhuis zijn een aantal oefeningen uitgelegd, waarvan we aanraden deze in de thuissituatie voor te zetten. Deze oefeningen zijn hieronder in trefwoorden beschreven:
- Bekken kantelen: Deze oefening kunt u liggend, staand en zittend uitvoeren. U drukt uw rug hiervoor in de grond.
- Navel licht intrekken: Deze oefening kunt u liggend, staand en wandelend uitvoeren. U spant uw buikspieren dus licht aan.
- Knieën opgetrokken en rustig van links naar rechts bewegen: Deze oefening kunt u liggend uitvoeren.
Als gevolg van de operatie kan de rug wat instabieler worden. Je zit op een stoel. Je pakt nu met beide handen de rugleuning van de stoel, die voor jou staat, vast. Terwijl je zo blijft zitten, doe je net alsof je de stoel voor je iets naar voren duwt en vervolgens iets naar achteren trekt. Vervolgens doe je alsof je de stoel naar links en naar rechts verschuift. Daarna wisselen. Met jouw ene hand duw je en met de andere hand trek je aan de rugleuning van de stoel. Daarna wisselen. Ook hierbij mag de stoel niet verschuiven. Door alle bewegingsrichtingen steeds te variëren ben je bezig om met jouw spieren een spierkorset te creëren. Het is aan te bevelen dat je deze oefening 3 keer per dag doet. Elke richting voer je in het begin 30 seconden uit en breidt dit, naarmate het beter gaat, uit naar 1 minuut.
Hieronder staan 5 oefeningen die u op uw rug uitvoert. Naast elke oefening staat een plaatje met een voorbeeld van de oefening.
- Kantel uw bekken. U drukt uw rug hiervoor in de grond. Druk uw knieën tegen elkaar.
- Til één knie op en pak deze met beide handen vast. Trek de knie rustig richting uw borstkas. Houd dit even vast en herhaal met de andere knie.
- Til uw hoofd en armen op en beweeg deze naar uw knieën toe.
- Til uw billen van het bed op. Laat uw handen op de ondergrond steunen.
- Zet uw voeten op de grond. Uw knieën zijn nu gebogen. Draai uw knieën aangesloten naar links en rechts.
De eerste 6 weken doet u de oefeningen minimaal 2 keer per dag. U herhaalt elke oefening minstens 5 keer. Als het goed gaat kunt u dit verhogen naar 10 keer. Let op uw ademhaling.
Belangrijke Overwegingen tijdens het Herstel
Het herstel na een rugoperatie is een geleidelijk proces. Het is cruciaal om naar het lichaam te luisteren en activiteiten rustig op te bouwen.
Op het moment dat de rug zwaar, pijnlijk en stijf wordt, is dat een indicatie dat u de dagelijkse bezigheden minder intensief moet uitvoeren. Oefen altijd binnen de pijngrens. De gouden regel is dat u geleidelijk aan weer van alles mag gaan doen en proberen, zolang dit geen toename van klachten geeft. Het is dus belangrijk dat u in de herstelperiode de signalen van uw lichaam serieus neemt.
Na de operatie kunt u pijn hebben. Dit kan worden veroorzaakt door wondpijn, pijn vanuit de spieren en gewrichten, of zenuwpijn. Zenuwpijn kan optreden doordat de zenuw nog geïrriteerd is. Door lopen en oefenen kan de zenuw weer opspelen en dezelfde klachten geven als voor de operatie, maar wel minder hevig. Pijnklachten na de operatie zijn niet ongewoon. Spierpijn gaat vanzelf over. Bij zenuwpijn is het goed om voldoende rust te nemen.
Het kan zijn dat u het verdoofde gevoel in uw benen na de operatie meer voelt dan daarvoor. Na de operatie nemen de uitvalsverschijnselen vaak af, maar dit is niet altijd het geval.
Wanneer u weer aan het werk mag, is sterk afhankelijk van wat voor soort werk u doet en hoe uw lichamelijke situatie is. Lichte werkzaamheden kunt u sneller hervatten dan wanneer u zwaar lichamelijk werk uitvoert. De werkhervatting zal in overleg met uw bedrijfsarts dienen plaats te vinden.
Heeft u na het lezen van deze folder nog vragen? Bespreek deze dan gerust met uw fysiotherapeut, uw arts of uw verpleegkundige.
tags: #oefeningen #na #decompressie #rug