Gezondheid door middel van voeding te verbeteren, werd in 2011 opgericht door mensen met een passie voor de kracht van voeding. Nestlé Health Science biedt voedingen voor medisch gebruik aan. Een proefpakket van dieetvoeding voor (risico op) ondervoeding en/of voeding voor een aangepast dieet (dysfagie) zijn aan te vragen via een arts of diëtist. Ontdek diverse bronnen en tools in onze belangrijkste medische voedingsgebieden: ondervoeding, koemelkallergie, dysfagie, enterale voeding, blended diet en neurologische aandoeningen.
Eiwitten in onze voeding leveren de bouwstoffen voor onze spieren. Door te bewegen wordt meer van het geconsumeerde eiwit omgezet in spierweefsel. Veel deskundigen zijn van mening dat juist senioren extra eiwitten nodig hebben om spierverlies te verminderen. Senioren gaan minder eten omdat de energie behoefte afneemt. Toch blijft de eiwitbehoefte per kg lichaamsgewicht gelijk. Doordat senioren minder gaan eten lopen zij dus het risico om te weinig eiwit te consumeren, waardoor er een onbalans ontstaat. Dat is de reden waarom meer eiwit in de voeding belangrijk is.
Oorzaken van Spierverlies en Ondervoeding
Bij personen met een tekort aan essentiële voedingsstoffen treedt ondervoeding op. In Nederland komt ondervoeding vooral voor bij senioren. Het verlies van eetlust is een van de belangrijkste oorzaken waardoor men te weinig voeding binnen krijgt. We beginnen steeds meer zicht te krijgen op de omvang van ondervoeding door vele studies en het gebruik van gevalideerde screeningsinstrumenten. Bij ongewenst gewichtsverlies is er ook verlies van spiermassa. Recente onderzoeken geven aan dat er een grote groep van kwetsbare ouderen is, die door een gebrek aan eetlust te weinig eiwit innemen. Zij lopen daarmee een risico op ondervoeding.
Ondervoeding is een ernstig gezondheidsprobleem dat ontstaat wanneer je lichaam langere tijd te weinig energie, eiwitten en andere voedingsstoffen binnenkrijgt. Dit kan leiden tot gewichtsverlies, verlies van spiermassa, een lagere weerstand en een duidelijk verminderde kwaliteit van leven. Bij ondervoeding is er een acuut of chronisch tekort aan energie en voedingsstoffen. Dit heeft merkbare gevolgen voor je lichaamssamenstelling, spierkracht, dagelijks functioneren en gezondheid. Vaak is er sprake van ongewenst gewichtsverlies, maar dat is niet altijd zo. Ook mensen met een normaal gewicht of overgewicht kunnen ondervoed zijn, bijvoorbeeld wanneer vooral spiermassa afneemt. Ondergewicht betekent dat je voor je lengte te weinig weegt (BMI lager dan 18,5 bij volwassenen). Ondervoeding gaat over wat er ín je lichaam gebeurt: tekorten aan voedingsstoffen, verlies van spiermassa en de gevolgen daarvan voor je gezondheid. Je kunt dus ondervoed zijn zonder ondergewicht te hebben. Andersom vergroot ondergewicht wel het risico op ondervoeding. Ondergewicht vergroot wel het risico op ondervoeding, en ondervoeding leidt vaak tot gewichtsverlies.
Ondervoeding ontstaat bijna altijd door een combinatie van factoren:
- Lichamelijke problemen: kunnen ervoor zorgen dat iemand te weinig eet of dat het lichaam meer energie verbruikt dan normaal. Denk aan verminderde eetlust door ziekte of medicatie, kauw- en slikproblemen, misselijkheid, pijn of maag-darmklachten (ziekte van Crohn, colitis ulcerosa, coeliakie) waardoor voedingsstoffen minder goed worden opgenomen.
- Geestelijke gezondheid: heeft grote invloed op eetgedrag. Depressie, angst, stress, rouw, eenzaamheid of eetstoornissen (anorexia nervosa, boulimia nervosa) kunnen ervoor zorgen dat er te weinig (of niet) wordt gegeten.
- Praktische omstandigheden: spelen vaak mee. Zo kunnen financiële problemen, moeite met boodschappen doen of koken, beperkte mobiliteit, alleen wonen of een gebrek aan kennis over gezonde voeding bijdragen aan een te lage voedselinname.
- Medicijngebruik: Sommige medicijnen verminderen de eetlust, veroorzaken misselijkheid of verstoren de opname van voedingsstoffen.
Er zijn verschillende vormen van spierverlies gerelateerd aan ondervoeding:
- Wasting: iemand eet langdurig te weinig door bijvoorbeeld sociale, psychische of medische problemen.
- Cachexie: dit ontstaat door ziekte en ontsteking in het lichaam, zoals bij gevorderde kanker, ernstig hartfalen, COPD of andere ernstige aandoeningen.
- Sarcopenie: komt vooral bij ouderen voor, door een combinatie van ouder worden, minder eten, te weinig eiwitten, weinig bewegen en chronische ziekten.

Gevolgen van Spierverlies en Ondervoeding
De gevolgen van ondervoeding ontwikkelen zich geleidelijk en worden ernstiger naarmate de ondervoeding langer duurt. In het begin merken mensen vaak algemene klachten zoals minder eetlust, vermoeidheid, gewichtsverlies, afname van spierkracht, prikkelbaarheid of concentratieproblemen. Naarmate ondervoeding langer duurt, nemen de gevolgen toe. Spierverlies zorgt voor moeite met lopen, opstaan en dagelijkse activiteiten. De weerstand daalt, wonden genezen langzamer en de kans op complicaties rond een operatie neemt toe. Ook kunnen huid, haar en nagels achteruitgaan en ontstaan er sneller botbreuken. Mentale en cognitieve klachten komen veel voor, zoals somberheid, onzekerheid, verwardheid of teruggetrokken gedrag, zeker bij ouderen.
Veroudering brengt (on)zichtbare en voelbare veranderingen in en rondom het lichaam met zich mee. Een hiervan kan leeftijdsgebonden sarcopenie zijn. De afname van spiermassa, spierkracht en/of spierfunctionaliteit. Vanaf een leeftijd van 25 jaar is er elk jaar sprake van ongeveer 1 procent verlies in spiermassa en spierkracht. In het geval van sarcopenie zorgt veelal inactiviteit voor het slinken van spieren. Bij ouderen, zieken en mensen die ondervoed zijn gaat dit vaak samen met een tekort aan eiwitinname. De combinatie van inactiviteit en een tekort aan eiwitten maakt dat iemand sarcopeen wordt en eenvoudige dagelijkse activiteiten niet meer kan uitvoeren.

De impact van sarcopenie is enorm en heeft ervoor gezorgd dat er steeds meer aandacht voor komt. Zowel vanuit de wetenschap als de klinische praktijk. Volgens Maier wordt pas sinds de afgelopen 15 jaren echt onderzoek gedaan naar de aandoening. Hiervoor was er nog nauwelijks iets bekend en werden mensen in de medische praktijk niet beoordeeld op de aandoening. Het is nog maar kortgeleden dat het in de ICD-10 is opgenomen en als ziekte mag worden genoemd. We weten inmiddels dat gemiddeld 30 procent van de ouderen sarcopenie heeft. Maar deze percentages variëren sterk per leeftijdscategorie. Bij ouderen tussen de 65 en 80 ligt het tussen de 10 en 25 procent. Dit neemt fors toe bij ouderen boven de 80, tot zo’n 50 procent. Hoewel de verschillen miniem zijn, hebben mannen vaker sarcopenie dan vrouwen. Jongeren kunnen overigens ook sarcopenie hebben. Sarcopenie gaat vaak gepaard met andere ziekten. Of het kan op de langere termijn andere problemen veroorzaken. Niet alleen de spierkracht maar ook de botdichtheid is belangrijk. De aandoening komt vaak voor in combinatie met osteoporose. Bij osteoporose verliest het bot meer massa (kalk en andere mineralen) dan het aanmaakt. Dit is eveneens proces dat bij veroudering in gang wordt gezet. Maar het verloopt doorgaans langzaam.
Tabel 1: Prevalentie van Sarcopenie bij Ouderen
| Leeftijdscategorie | Prevalentie Sarcopenie |
|---|---|
| 65-80 jaar | 10-25% |
| Boven 80 jaar | ~50% |
De maatschappelijke kosten van ondervoeding zijn enorm en bedragen zo’n 1.8 miljard euro per jaar. Dat weten we al langer en daar moeten we ons dan ook zorgen over maken. Er zijn diverse studies die aantonen dat het aanpakken van dit probleem met voeding kosteneffectief is.
Oplossingen en Behandeling
Wanneer bij ongewenst gewichtsverlies of tijdens een screening de diagnose ondervoeding wordt gesteld dan zijn we te laat. We moeten ons ook richten op de veel grotere groep die nog niet scoort op de screening maar al wel te weinig eiwit krijgt. Bij ondervoeding en herstel is de eiwitbehoefte zo’n 50% tot 100% hoger dan normaal. Maar het is voor veel senioren ondoenlijk om zoveel meer te eten. In dat geval wordt er teruggevallen op suppletie met medische drinkvoeding. De prestatie indicator van de Inspectie Gezondheidszorg is 1,2 gram eiwit per kg lichaamsgewicht. Dat komt bij een gemiddeld gewicht van 75 kg overeen met 90 gram. Maar zelfs met een energie verrijkt dieet en medische drinkvoeding lukt het de meeste patiënten niet om de norm te halen. Bovendien is een bekend nadeel van drinkvoeding dat het moeilijk is vol te houden vanwege smaak en het verzadigende karakter. Veel senioren halen overigens de norm die geldt voor gezonde volwassenen (0,8 gram eiwit per kg lichaamsgewicht) niet eens. Daarom dat veel deskundigen van mening zijn dat de aanbeveling voor alle senioren verhoogd zou moeten worden van 0,8 naar 1,2 gram. Bij ondervoeding zou dit 1,2 tot 1,5 gram eiwit per kg lichaamsgewicht moeten zijn om spierverlies te verminderen en vitaal te blijven. Dat is dan bijna het dubbele van wat een gezonde volwassene op een dag eet. Die extra eiwit inname lukt dus niet met bestaande voedingsmiddelen en daarom komt Carezzo met eiwitverrijkte voeding. Er hoeft niet meer gegeten te worden om toch meer eiwit binnen te krijgen. Meer eiwit inname zonder meer te eten kan met Carezzo eiwitverrijkt eten en drinken. Gewoon eten vervangen door gewoon eten met meer eiwit erin is de nieuwe aanpak.
Het is van groot belang dat er extra eiwit tijdens het ontbijt en de lunch wordt geconsumeerd. De warme maaltijd is vaak al van voldoende eiwit voorzien. Een betere spreiding van het extra eiwit gedurende de dag over de drie maaltijden is gunstiger voor de spieropbouw. Ook op de tussendoor momenten kan extra eiwit aangeboden worden, om een betere spreiding van eiwitopname te realiseren. Wanneer er op een bepaald moment een te grote hoeveelheid eiwit wordt genuttigd kan het lichaam dit niet omzetten in spierweefsel en heeft het dus geen effect.

Bij (dreigende) ondervoeding helpt het om regelmatig te eten en bewust te kiezen voor voedingsmiddelen die voldoende energie en eiwit leveren. Verandert je eetlust of gewicht? Een diëtist die gespecialiseerd is in ondervoeding kijkt breder dan alleen “meer eten”. Tijdens het eerste consult brengt de diëtist je voeding, klachten, leefstijl en medische situatie in kaart. Waar mogelijk wordt gestart met gewone voeding: maaltijden verrijken, de dagindeling aanpassen, praktische tips geven en eventueel recepten of een voedingsschema meegeven. Als dat niet voldoende is, kan de diëtist medische voeding adviseren, zoals drinkvoeding of eiwit- en energieverrijkers. In ernstige situaties kan in overleg met de arts sondevoeding nodig zijn. De diëtist volgt je gewicht, spiermassa en algehele toestand en past het advies regelmatig aan. Vaak werkt de diëtist samen met andere zorgverleners, zoals huisarts, fysiotherapeut, logopedist, ergotherapeut, thuiszorg of mantelzorgers.
Volgens Maier is krachttraining in combinatie met goede voeding het meest effectief. Dit geldt ook voor 80-jarigen. De richtlijnen voor ouderen zijn recent herzien en geven aan dat er minstens 150 minuten per week bewogen moet worden. De satellietcellen in het lichaam moeten geprikkeld worden om ervoor te zorgen dat spiercellen zich gaan delen en massa kweken. Het is belangrijk om oefeningen te doen die uitdagend genoeg zijn. Een klein beetje over de grens gaan mag wel zodat je er “goede” spierpijn aan overhoudt. Met gerichte krachttraining beginnen kan lastig zijn, dus is het zinvol om advies te vragen van bijvoorbeeld een fysiotherapeut, huisarts of een gecertificeerde sportinstructeur. Zorg ervoor dat je oefeningen krijgt die je uitdagen.
De dagelijkse aanbevolen hoeveelheid eiwitten bedraagt voor volwassenen momenteel 0,8 gram eiwitten/kg lichaamsgewicht. Ouderen met sarcopenie hebben echter een grotere behoefte. Er wordt aanbevolen om verspreid over de dag 1,2 gram eiwitten/kg lichaamsgewicht eiwitten op te nemen. In veel gevallen bewegen mensen niet meer na het avondeten. Lukt het niet om via de reguliere maaltijden voldoende binnen te krijgen, dan is aanvulling middels eiwitshakes of andere supplementen mogelijk. Hierover kan eventueel het advies van een diëtist worden ingewonnen.
Nutridrink is een voeding voor medisch gebruik. Dieetvoeding bij ziektegerelateerde ondervoeding. Wanneer interventie met normale en verrijkte voeding niet toereikend is, kan de volgende stap medische voeding zijn. De verschillende mogelijkheden zijn drink- en sondevoeding. De medische voeding van Nutricia kan de dagelijkse voedingsinname aanvullen of soms vervangen. Nutricia heeft een breed assortiment aan medische drinkvoeding in handige flesjes. De drinkvoeding van Nutricia bestaat uit verschillende smaken, volumes en texturen om mee te kunnen variëren. Met name bij systemische behandeling krijgen veel patiënten te maken met verandering in reuk en smaak.
Wanneer een patiënt veel stress ervaart rondom eten of het moeilijk is om voldoende voeding binnen te krijgen, kan sondevoeding een oplossing zijn. Op deze manier kan er een zorg worden weggenomen. Sondevoeding kan de dagelijkse voeding van de patiënt aanvullen of vervangen. Parenterale voeding wordt alleen toegediend wanneer sondevoeding en gewoon eten niet mogelijk is.
Tijdens een behandelingstraject komt het soms voor dat de patiënt problemen ervaart met slikken. Bespreek slikproblemen (dysfagie) met de arts en logopedist. Daarnaast zijn er voorverdikte producten: Nutilis Complete Stage 1, Nutilis Complete Stage 2 en Nutilis Fruit Stage 3. Hoe hoger de ‘stage’, hoe dikker de textuur. In Nutilis Complete zitten voedingsstoffen die het lichaam nodig heeft, zoals calorieën, eiwitten en vezels en micronutriënten. Het is verkrijgbaar in verschillende smaken. De Nutilis producten hebben zogeheten amylaseresistente eigenschappen. Nutilis is een voeding voor medisch gebruik. Dieetvoeding bij ziektegerelateerde ondervoeding.
Het optimaliseren van spiereiwitsynthese: lichaamsbeweging, timing van eiwitinname, eiwitkwaliteit en meer.
Het is daarom goed om alert te zijn op signalen die kunnen wijzen op ondervoeding, zoals verminderde eetlust, veranderingen in gewicht of minder energie. Vooral kwetsbare ouderen, mensen met chronische ziekten en iedereen die herstellende is van een operatie of ziekenhuisopname lopen extra risico. Regelmatige weging, aandacht voor eetlust en ondersteuning bij boodschappen, koken of het gezellig samen eten kunnen al veel problemen voorkomen. Bij chronische aandoeningen helpt het om vroegtijdig een diëtist te betrekken en voeding aan te passen aan de veranderende situatie, bijvoorbeeld bij start van nieuwe medicatie. In het algemeen geldt: neem veranderingen in gewicht, eetlust of eetpatroon serieus! Bij twijfel of zorgen over voeding is het het beste om tijdig hulp te vragen. Ga in zo'n geval langs je huisarts. Lukt het door ziekte of mobiliteit niet om naar de diëtist te komen? Dan is een huisbezoek mogelijk.
tags: #nutridrink #bij #verlies #spiermassa