Uitstralende pijn vanuit de nek en schouder is vaak een slopende klacht. Soms kan het ook een vervelende uitstraling naar de arm geven. Hoe wordt dit veroorzaakt en hoe kun je hier het beste mee omgaan? Nek- en schouderklachten zijn een van de meest voorkomende pijnklachten. We gebruiken onze nek- en schouderspieren de hele dag door: tanden poetsen, eten koken, autorijden, werken. Het is dan ook niet gek dat nek- en schouderpijn een bekende kwaal is. Er is niet één specifieke oorzaak van nek- en schouderpijn met uitstraling naar de arm. De oorzaken verschillen per type klacht.
Klachten die juist tijdens het thuiswerken ontstaan, kunnen erg vervelend zijn en maken dat je je werkzaamheden niet goed kunt verrichten. Hierbij is het belangrijk dat je goed op je werkhouding let. Door het vele werken in dezelfde houding in een niet aangepaste omgeving kun je verschillende klachten krijgen. Bovendien blijken mensen die thuis werken minder pauzes te nemen en dus minder te bewegen. Klachten die daardoor meestal ontstaan, zijn klachten aan de armen, nek en/of schouders.
Oorzaken van nek-, schouder- en bicepspijn
Er kunnen verschillende oorzaken zijn voor pijn die uitstraalt van de nek en schouder naar de arm, ook wel cervicale radiculopathie genoemd. Soms ligt het probleem in de schouder zelf, maar het kan ook vanuit de nek of een geïrriteerde zenuw komen. Ook problemen in de nek, zoals zenuwirritatie, kunnen pijn geven die doorloopt naar de arm. Uitstralende pijn kan zowel vanuit de nek als vanuit de schouder ontstaan. Ook spieren kunnen vergelijkbare pijnpatronen geven.
Problemen in de nek
Een disfunctie in de beweging van de nekwervels kan leiden tot een irritatie van de zogenaamde facetgewrichten. Slijtage van de nekwervels veroorzaakt een vernauwing van de ruimte waar de zenuwen doorheen lopen, meestal door de groei van botsporen, ook wel osteofyten genoemd. In ernstige gevallen kan athrose leiden tot stenose van het centrale wervelkanaal, een zenuwbeknelling ter hoogte van het ruggenmerg. Het geeft meestal geen nek- en schouderpijn, hoewel sommigen daar wel stijfheid ervaren.
Een veelvoorkomende oorzaak van pijn in de arm door de nek is een beknelde zenuw. Beknellingen van zenuwen kunnen op verschillende plekken optreden en zorgen voor tintelingen, een slapend gevoel of krachtverlies in de arm en hand. Als pijn samengaat met tintelingen, doofheid of krachtsverlies kan er sprake zijn van zenuwirritatie. Zenuwpijn voelt scherp, tintelend, brandend of prikkelend aan, vaak gecombineerd met krachtsverlies of een doof gevoel. Tussen iedere wervel in de wervelkolom zit een opening. De zenuw die behandeld wordt, geeft pijnprikkels door aan de hersenen. Door deze zenuwen te verdoven kan de pijn voor langere tijd verminderen.
Problemen in de schouder
Schouderklachten kunnen opeens beginnen. Omdat je bijvoorbeeld een rare beweging hebt gemaakt of op je schouder bent gevallen. Maar de pijn kan ook langzaam beginnen. Schouderklachten komen vaak door 1 of meer van deze dingen: Je hebt zwaar werk, waarbij je veel met je schouder moet doen. Bijvoorbeeld zware dingen tillen. Je doet een sport waarbij je je schouder veel gebruikt, zoals tennissen of volleyballen. Je hebt je schouder verdraaid of je bent erop gevallen. Je hebt een grotere kans op klachten van je schouder als je ouder bent. Je kunt bijvoorbeeld artrose hebben. Of de pezen in je schouder zijn niet goed meer. Je hebt pijn in je schouder door problemen in je nek. Of omdat je houding niet goed is. Je staat bijvoorbeeld te veel met je schouders naar voren. Soms is niet duidelijk waarom je klachten van je schouder hebt gekregen.
Schouderpijn kan worden veroorzaakt door een probleem met 1 van de 2 bicepspezen rond de schouder. Namelijk de lange bicepspees. Een probleem van de lange bicepspees klinkt misschien spannend. Omdat de biceps zo’n bekende spier is. Zoals gezegd loopt er in elk schoudergewricht een bicepspees: de zogenaamde lange bicepspees. Het is eigenlijk maar een dunne pees. En de pees zorgt voor ongeveer 15% van de kracht van de bicepsspier. Hij heeft ook nog een ‘grote broer’, die veel dikker en sterker is. Die grote broer heet de korte bicepspees. En die loopt net buiten het schoudergewricht. Als we het hebben over een bicepsprobleem in de schouder, praten we eigenlijk altijd over die lange bicepspees. Want die is dunner. Waarschijnlijk heeft de lange bicepspees geen echt belangrijke functie meer. Waarom hebben we hem dan? Nou, waarschijnlijk had de mens hem vroeger wel nodig. Maar nu lijkt de pees overbodig (ook wel rudimentair genoemd). De lange bicepspees begint aan de bovenkant van de schouderkom. Vanuit daar loopt de pees over de schouderkop naar een soort geul of goot. Dat gootje zit aan de voorkant van de schouderkop.
Een ontsteking van de lange bicepspees kan komen door overbelasting. Of omdat er in de schouder een andere irritatie aan de gang is. Bijvoorbeeld een scheur in een andere pees. De lange bicepspees is vrij dun. Dit is eigenlijk een vorm van ‘slijtage’ van de pees. De pees is dan niet meer ‘perfect glad’. Maar rafelig en verdikt. Daardoor zit de pees ‘gevangen’ in zijn gootje. Normaal gesproken wordt de lange bicepspees in zijn gootje gehouden. Dat gebeurt door een bandje en door een schouderpees (de subscapularispees). Als die scheuren, dan kan de lange bicepspees uit zijn gootje ‘floepen’. ‘Luxatie’ van de lange bicepspees. Er kan ook een inscheuring ontstaan van de aanhechting van de lange bicepspees op het labrum. Zo’n inscheuring ontstaan vaak door langdurige, herhaaldelijke bovenhandse bewegingen. De lange bicepspees kan ook ‘spontaan’ scheuren. Dat komt vaak omdat er al een gedeeltelijk scheur in zat. Eigenlijk is zo’n scheur dus geen ramp, omdat zijn ‘grote broer’ (de korte bicepspees) er dus nog is. En die grote broer scheurt eigenlijk nooit.
Irritatie van pezen (rotator cuff), slijmbeurs of het AC-gewricht kan uitstralen naar de bovenarm. Langdurig zitten met ronde schouders, werken met opgetrokken schouders en veel bovenhands bewegen kunnen klachten versterken.

CANS (Complaints of Arm, Neck and/or Shoulder)
CANS betekent ‘complaints of arm, neck and/or shoulder’. Het is een verzamelnaam voor verschillende klachten aan zowel handen, armen, schouders, nek en bovenrug. Vroeger werd hiervoor de term ‘repetitieve strain injury’ gebruikt, beter bekend als RSI. CANS komt in veel beroepswerkzaamheden voor. De klachten ontstaan door een lange periode herhaaldelijk dezelfde handelingen uit te voeren. Daardoor worden spieren pijnlijk en stijf.
Typisch bij CANS is dat deze sluipend beginnen. Je wuift het in het begin ook makkelijk weg wanneer je even last hebt van de vingers of pols. Naarmate je er langer mee doorloopt en de klachten aanhouden kan het erg vervelend voor je worden. Zo heb je niet alleen meer last van pijn maar vaak ook van krachtsverlies. Hiernaast kan er zwelling optreden, slapheid, verminderde grijpkracht, een doof gevoel en tintelingen. Blijven de klachten te lang aanhouden dan kun je er ook ‘s nachts last van krijgen.
1. KANS is een verzamelnaam voor klachten aan arm, nek en/of schouders die niet zijn veroorzaakt door een specifieke aandoening of letsel. Het wordt veroorzaakt door een combinatie van factoren, zoals een slechte houding, herhaalde bewegingen en overbelasting. 2. Bij veel indicaties is het makkelijker om een exact moment aan te geven waarop de klachten ontstonden. Bij KANS is dit lastiger vast te stellen, omdat het zich geleidelijk ontwikkelt. Een slechte houding of slechte ergonomie op de werkplek zorgt voor extra spanning op de spieren en gewrichten in de nek, schouders en armen. Mensen die dagelijks dezelfde beweging maken, zoals typen op een toetsenbord of het gebruiken van een muis, lopen een verhoogd risico op KANS. 3. De symptomen kunnen per persoon verschillen en kunnen variëren van mild tot ernstig. Veelvoorkomende symptomen van KANS zijn onder andere pijn, stijfheid en gevoeligheid in de arm, nek en/of schouder. De pijn kan zich verspreiden over de spieren en gewrichten en kan zowel constant als af en toe optreden. Naast pijn en stijfheid kunnen mensen met KANS ook last hebben van tintelingen, een brandend gevoel of kramp in de arm, nek en/of schouder. Bij ernstige gevallen van KANS kunnen de symptomen leiden tot beperkingen in de dagelijkse activiteiten en werkzaamheden.
Symptomen van nek-, schouder- en bicepspijn
Bij schouderklachten kun je deze klachten hebben: Je hebt pijn in je bovenarm. Je hebt pijn bovenop je schouder. De pijn wordt erger als je de arm omhoog beweegt, bijvoorbeeld als je iets van een hoge plank wilt pakken. Vaak doet het ook pijn als je je arm op je rug draait, zoals wanneer je je broek omhoog wilt trekken. Soms heb je ook pijn in je schouderbladen, nek, elleboog of vingers. Vaak is liggen op de pijnlijke schouder vervelend. Hierdoor gaat slapen moeilijker. Veel gewone dingen gaan moeilijker. Zoals boodschappen doen en schoonmaken. Ook bij je werk kun je meer pijn hebben.
Heb je last van uitstralende pijn in je arm, tintelingen of een doof gevoel? Dit kan verschillende oorzaken hebben, zoals nekklachten, een beknelde zenuw of overbelasting. Soms straalt de pijn zelfs door naar je hand en vingers. Zenuwpijn in de arm voelt anders dan spierpijn. Zenuwpijn komt vaak geleidelijk op, maar kan ook plotseling ontstaan. Herken je deze klachten? Dan is het goed om actie te ondernemen.
Pijn. De pijn zit meestal aan de voorkant van de schouder. Krampend gevoel in de bicepsspier. Dit gebeurt alleen als de pees helemaal uit de schouder is afgescheurd. Een meer compacte spierbal van de biceps. Dit gebeurt ook alleen als de lange bicepspees helemaal is afgescheurd uit de schouder. Krachtsverlies is dus geen klacht van een lange bicepspees probleem!

Behandeling van nek-, schouder- en bicepspijn
De eerste stap is het stellen van de juiste diagnose van de bron van de pijn in de schouder met uitstraling naar arm en nek. Er zijn verschillende benaderingen om pijn in de schouder met uitstraling naar arm en hand te behandelen. De meeste mensen met nekpijn die uitstraalt naar de arm en hand herstellen binnen 3 maanden. Maak snel en gemakkelijk online of telefonisch een afspraak.
Zelfzorg en leefstijlaanpassingen
Blijf in beweging en wissel houdingen en activiteiten af. Repetitieve taken zijn vaak een bron van klachten, beweeg vaak en voorzichtig. Zit op de juiste manier achter de computer en gebruik een beeldscherm op de juiste hoogte in plaats van een laptopscherm. Zorg ervoor dat je scherm in het midden staat. Beweeg en mobiliseer regelmatig de spieren en gewrichten van je bovenrug en nek. Zachte yogaoefeningen werken geweldig.
Het belangrijkste is: Blijf je schouder en arm gebruiken, ook als het pijn doet. Bewegen zorgt ervoor dat de spieren rond je schouder sterk genoeg blijven. En kan helpen tegen een stijf gevoel in je schouder. Doe je arm niet in een draagdoek (mitella). Hiervan gaan je klachten niet sneller over. Je kunt er ook een stijver gevoel in je schouder van krijgen.
Blijf doen wat je normaal doet op een dag. Probeer te blijven doen wat je normaal doet. Zoals werken, koken en schoonmaken. Als je je arm weinig gebruikt, kun je ook oefeningen doen.
Doe minder zwaar werk. Heb je zwaar werk? Of doe je veel met je schouder? Doe dan rustiger aan. Dat doe je zo: Til geen zware dingen. Ga niet hard tegen iets duwen of hard aan iets trekken. Doe geen werk met je armen boven je hoofd, zoals een plafond schilderen. Doe niet steeds dezelfde bewegingen, maar wissel het af. Neem wat vaker een pauze om je schouder even rust te geven. Gaat het beter met de pijn in je schouder? Ga dan niet meteen weer heel zwaar werk doen. Ga langzaam weer meer doen. Krijg je toch weer meer pijn? Doe dan weer rustiger aan.
Bij veel pijn: Geef je schouder 1 of 2 dagen rust. Heb je veel pijn? Bijvoorbeeld ook bij kleine bewegingen? Dan mag je je schouder wel 1 of 2 dagen rust geven. Gebruik je schouder dan weinig en laat je arm op je schoot rusten als je zit. Probeer dit niet te lang te doen. Als je je schouder te lang stil houdt, krijg je een stijver gevoel in je schouder. Het wordt dan steeds lastiger om je arm weer gewoon te gebruiken. Probeer je arm wel 3 of 4 keer per dag even voorzichtig alle kanten op te bewegen. Wacht niet tot de pijn helemaal over is. Maar ga na 1 of 2 dagen weer meer bewegen. Ook al heb je nog wel pijn.
Bespreek je klachten op je werk. Kun je je werk minder goed doen? Bespreek dit dan met je werkgever. Praat ook met de bedrijfsarts.

Medicatie
Je kunt deze pijnstillers gebruiken tegen de pijn in je schouder: Begin altijd met paracetamol. niet genoeg? slikken. Kijk bij pijnstillers zoals ibuprofen of jij deze mag slikken. Slik de pillen maximaal 2 weken achter elkaar.
Heb je alleen pijn op 1 plek bovenop je schouder? Dan kun je ook een gel met een pijnstiller erin proberen: gel met ibuprofen of met diclofenac erin. Dit smeer je op de plek. Wrijf de gel zacht op de huid. Heb je te veel gel gepakt? Haal de rest dan weg met een papiertje en gooi het in de prullenbak. Spoel geen gel weg via de douche of gootsteen.
Diclofenac is een ontstekingsremmende pijnstiller. Dit soort pijnstillers wordt ook wel NSAID's genoemd. Het werkt pijnstillend, ontstekingsremmend en koortsverlagend. Het is te gebruiken bij pijn waarbij ook sprake is van een ontsteking, zoals bij gewrichtspijn, reumatoïde artritis (ontsteking van de gewrichten), ziekte van Bechterew en jicht (ontsteking in uw gewricht). Bovendien bij koliekpijn, menstruatieklachten, zoals abnormaal vaginaal bloedverlies, migraine en hoofdpijn.
Ibuprofen is een ontstekingsremmende pijnstiller. Dit soort pijnstillers wordt ook wel NSAID genoemd. Het werkt pijnstillend, ontstekingsremmend en koortsverlagend. Het is te gebruiken bij pijn waarbij ook sprake is van een ontsteking, zoals bij gewrichtspijn, reumatoïde artritis, ziekte van Bechterew en jicht. Bovendien bij migraine, hoofdpijn en menstruatieklachten, zoals abnormaal vaginaal bloedverlies.
Naproxen is een ontstekingsremmende pijnstiller. Dit soort pijnstillers wordt ook wel NSAID genoemd. Het werkt pijnstillend, ontstekingsremmend en koortsverlagend. Het is te gebruiken bij pijn waarbij ook sprake is van een ontsteking, zoals bij gewrichtspijn. Ook bij ontstekingen van de gewrichten zoals reumatoïde artritis, ziekte van Bechterew en jicht. Bovendien bij koliekpijn, hoofdpijn, migraine en menstruatieklachten, zoals abnormaal vaginaal bloedverlies.
Fysiotherapie en oefentherapie
Bij schouderklachten is het vooral belangrijk dat je je schouder blijft bewegen. Je kunt ook oefeningen doen. Soms kan fysiotherapie of oefentherapie helpen. Bijvoorbeeld in deze situaties: Je blijft veel pijn houden en je vindt het moeilijk om je schouder te bewegen. Werken gaat niet goed. Je kunt je schouder niet goed gebruiken. Je kunt zelf een afspraak maken bij een oefentherapeut of fysiotherapeut.
Fysiotherapie lijkt voor de meeste problemen van de lange bicepspees weinig zinvol te zijn. Behalve in geval van een inscheuring van de aanhechting van de pees in het schoudergewricht. Ook wel een SLAP-lesie genaamd. Dan kan het namelijk zin hebben om een gespecialiseerd trainingsprogramma van zeker 3 maanden te doen.
De sportarts of de fysiotherapeut kan door een vraaggesprek en onderzoek samen met je achterhalen wat de oorzaak van je klachten is. Daarna kan er een specifieke behandeling worden ingezet. Deze behandeling zal in overleg met jou samen opgesteld worden en kan bestaan uit oefentherapie, adviezen en andere fysiotherapeutische behandelingen. Hoe lang een behandeltraject duurt is afhankelijk van de duur van de klachten en een aantal andere, persoonsgebonden factoren en is derhalve moeilijk te voorspellen.
De fysiotherapeutische behandeling is vooral gericht op het geven van advies hoe jij op een juiste manier met de klacht om kan gaan. Dit wordt vaak aangevuld met gerichte oefeningen om de beweeglijkheid, coördinatie en stabiliteit van de nek en schouder te verbeteren en om de pijn te verminderen. Op die manier kan je ook zelfstandig werken aan jouw herstel!
Wat helpt tegen zenuwpijn in mijn arm? Fysiotherapie, een betere werkhouding, rustmomenten en gerichte oefeningen kunnen de klachten sterk verminderen. Blijf niet rondlopen met pijn of tintelingen in je arm. Onze gespecialiseerde fysiotherapeuten helpen je graag met een persoonlijk behandelplan.

Injecties en operaties
Soms kan een prik in de schouder helpen. Bijvoorbeeld in deze situaties: Je gebruikt pijnstillers maar je houdt veel pijn. Je klachten zijn vanaf het begin heel heftig en je kunt je arm niet bewegen. In de prik zit een medicijn tegen pijn en ontsteking. Dat kan ervoor zorgen dat de pijn minder wordt. Daardoor kun je makkelijker bewegen en oefenen.
Bijwerkingen van de prik. De meeste mensen hebben geen bijwerkingen van de prik. Sommige mensen hebben hier last van na de prik: een paar dagen meer pijn aan de schouder, opeens een warm gevoel en zweten (opvlieger). Dit kan een paar dagen duren. onregelmatig ongesteld worden.
De pijn kan al na 1 tot 2 weken over zijn. Bel direct de huisarts, de huisartsen-spoedpost of 112 als je opeens veel schouderpijn hebt met 1 of meer van deze klachten erbij: misselijk zijn, zweten, benauwd zijn of moeite met ademhalen, de pijn wordt erger als je ademt.
Bel dezelfde dag de huisarts of huisartsen-spoedpost als je een prik in je schouder hebt gehad en je 1 of beide dingen herkent: Je krijgt koorts binnen een week na de prik. Je krijgt veel meer pijn na een prik in je schouder.
Als de bicepspees in de schouder ontstoken of verdikt is, kan een injectie rond de pees goed helpen. De injectie bevat cortisone. Dat zorgt ervoor dat de irritatie uit de pees gaat. Een gerichte injectie moet plaatsvinden onder begeleiding van een echografie.
Een operatie is meestal geen eerste keus bij biceps klachten van de schouder. Pas als andere behandelingen niet helpen, kun je een operatie overwegen. Maar dan moeten de klachten wel echt bij een bicepsprobleem passen.
Wanneer al deze maatregelen onvoldoende helpen, kan er met de orthopedisch chirurg gekeken worden naar een mogelijke operatie.

Wanneer medische hulp zoeken?
Maak op werkdagen een afspraak bij de huisarts bij 1 of meer van deze problemen: Je hebt erge pijn en die wordt niet minder. De pijnstillers, oefeningen of prik hebben niet genoeg geholpen. Je krijgt steeds minder kracht in je schouder of arm. Je voelt de pijn in je schouder helemaal tot in je hand. Je hebt ook andere klachten zoals buikpijn, afvallen of pijn in andere gewrichten. Je krijgt pijn in je schouder als je je inspant, bijvoorbeeld als je een trap oploopt of als je rent. En als je even uitrust, is de pijn snel weer weg.
De huisarts stelt je eerst vragen over hoe lang je al pijn hebt in je schouder, wat voor werk je doet en hoe de pijn begonnen is. Ook onderzoekt de huisarts je schouder meestal. Dat is om te kijken welke bewegingen je met je schouder kunt maken. En welke bewegingen pijn doen. Ook kijkt de huisarts hoe je je hoofd en nek beweegt.
Meestal geen echo of foto nodig. Een echo of foto is meestal niet nodig als je korter dan 3 maanden schouderklachten hebt. Dit is waarom: Als je jonger dan 40 jaar bent, is er vaak niets bijzonders te zien op een echo of een foto. Als er iets bijzonders te zien is, dan is het niet zeker of dat de oorzaak van je pijn is. De behandeling is zonder echo of foto hetzelfde als na een echo of foto. Soms wel direct een echo. Zijn je schouderklachten opeens begonnen? Bijvoorbeeld doordat je gevallen bent? Of omdat je een zware beweging met je schouder deed en je daarna opeens veel pijn je schouder kreeg?
Door middel van lichamelijk onderzoek kan een huisarts of fysiotherapeut kijken wat de onderliggende klacht is bij nek- en schouderpijn met uitstraling naar de arm. Meestal is het lichamelijk onderzoek voldoende om een diagnose te kunnen stellen. Wanneer dit niet het geval is, kan er meer beeldvormend onderzoek ingezet worden. Door middel van echografie kan er onderscheid gemaakt worden tussen verschillende soorten klachten.
Soms denken aan een zogenaamde SLAP-lesie. Dat is een inscheuring van de aanhechting van de lange bicepspees op het labrum. Dan kan een MRI-scan met contrastvloeistof in het gewricht nodig zijn voor de diagnose.