Een betalingsachterstand bij Basic-Fit kan leiden tot juridische procedures, waarbij de consument beschermd wordt door specifieke wetgeving. Dit artikel belicht de verschillende aspecten van een dergelijke situatie, gebaseerd op een recente uitspraak van de kantonrechter.
Casus: Consument met Betalingsachterstand
Betrokkene (X) sloot op 7 augustus 2023 een jaarabonnement af bij Basic-Fit. Na opzegging en beëindiging van het eerste lidmaatschap, sloot hij opnieuw een jaarabonnement af. Hierbij ontstond een achterstand van € 27,67 aan lidmaatschapsgeld. Basic-Fit dagvaardde X voor niet-tijdige betaling en vorderde naast de hoofdsom ook incassokosten, wettelijke rente en proceskosten. X erkende de hoofdsom, maar stelde dat persoonlijke omstandigheden de oorzaak waren van de achterstand, en dat hij pas van de betalingsachterstand op de hoogte was toen de dagvaarding werd betekend.
Ambtshalve Toetsing en Consumentenbescherming
De rechter toetste ambtshalve of aan consumentenbeschermende bepalingen was voldaan, aangezien de vordering tegen een consument was. Hierbij bleek dat bepaalde informatie niet op een duurzame gegevensdrager was verstrekt, wat een tekortkoming is in de naleving van consumentenrechtelijke vereisten.
Incassokosten en de Veertiendagenbrief
Voor het in rekening brengen van incassokosten is het verplicht om eerst een veertiendagenbrief te sturen. Hierin moet worden aangekondigd hoeveel incassokosten verschuldigd zijn indien niet binnen 14 dagen na ontvangst van de brief wordt betaald. De rechter wees de gevorderde incassokosten af, omdat niet vaststond dat X de veertiendagenbrief van 28 november 2024 had ontvangen. De brief was per gewone post verzonden en X had gemotiveerd betwist deze te hebben ontvangen. Het bewijs van verzending en ontvangst rust in zo'n geval op Basic-Fit.

Proceskosten: Compensatie van Kosten
Een belangrijk aspect van het vonnis betreft de proceskosten. Normaal gesproken draagt de debiteur die de hoofdsom moet betalen ook de proceskosten. In dit geval oordeelde de rechter echter anders: de proceskosten werden gecompenseerd, wat betekent dat elke partij de eigen kosten draagt. Artikel 237 Rv bepaalt dat dit kan gebeuren wanneer een partij grotendeels ongelijk krijgt.
De reden voor deze compensatie was dat Basic-Fit de procedure bij de kantonrechter had gestart voor een relatief gering bedrag van € 27,67. Op het moment van dagvaarding waren de bijkomende kosten al opgelopen tot € 160,78. De rechter oordeelde dat dit bescheiden geldbedrag in geen verhouding stond tot de ingezette juridische middelen en de daaraan verbonden kosten. Er waren volgens de kantonrechter nog andere, minder ingrijpende mogelijkheden voor Basic-Fit om X op zijn kleine betalingsachterstand te wijzen, zelfs voordat een gemachtigde werd ingeschakeld.
Basic-Fit had deze mogelijkheden onbenut gelaten. X bleef na de betalingsachterstand sporten bij Basic-Fit met een nieuw contract en betaalde de maanden daarna zijn contributie gewoon weer. Hij gebruikte ook de Basic-Fit app, die de mogelijkheid biedt om te wijzen op een betalingsachterstand en de toegang te blokkeren. Dit gebeurde bij X pas nadat de deurwaarder met de dagvaarding was langsgekomen, een feit dat onweersproken bleef. De gemachtigde van Basic-Fit verklaarde ter zitting dat een dergelijk bericht pas wordt geactiveerd bij hogere achterstanden. Daarnaast was een "menselijke benadering" denkbaar, waarbij een medewerker van Basic-Fit X zou kunnen aanspreken bij het betreden van de sportschool als een bedrag al langer openstond.

De Harde Incasso-opstelling van de Gemachtigde
De incasso-opstelling van de gemachtigde van Basic-Fit werd eveneens bekritiseerd. De dag na betekening van de dagvaarding belde de moeder van X met de gemachtigde om een betalingsregeling te treffen. Haar werd verteld dat dit niet meer mogelijk was "omdat de zaak bij de rechter lag". Er werd hierop niet gereageerd. De deurwaarder was namens Basic-Fit wel bereid een betalingsregeling te treffen voor het openstaande bedrag met alle kosten, maar niet om de procedure bij de rechtbank in te trekken. Dit laatste was alleen mogelijk als X het volledige openstaande bedrag, inclusief alle kosten, in één keer zou betalen. Door de procedure voort te zetten, kwamen naast de kosten van € 160,78 nog eens € 135,- aan griffierecht erbij, wat resulteerde in een totaalbedrag aan kosten van € 295,78.
De deurwaarder verklaarde op de zitting dat procedures standaard worden doorgezet als het volledige openstaande bedrag, inclusief alle kosten, niet uiterlijk vijf dagen voor de zitting is betaald. De kantonrechter achtte deze uniforme en starre benadering in de gegeven situatie in strijd met de zorgvuldigheid die van een professionele partij als Basic-Fit mag worden verwacht bij de inning van een relatief kleine consumentenvordering, zeker als de debiteur op dat moment nog klant is bij de sportschool.
De kantonrechter oordeelde dat er sprake was van een zodanige wanverhouding tussen het openstaande bedrag en de (proces)kosten, dat de beslissing van Basic-Fit om de procedure door te zetten, terwijl X zich bereid had verklaard een betalingsregeling te treffen, tot gevolg moest hebben dat Basic-Fit de eigen proceskosten draagt.
Naschrift: Kritische Blik op Incassoprocessen
Deze uitspraak werpt een kritische blik op het incassoproces, zowel bij Basic-Fit zelf als bij de deurwaarder die als gemachtigde optreedt. De wet biedt al ruimte voor dergelijke beoordelingen, maar dit gebeurt nog te weinig. Gelukkig heeft de debiteur in deze casus verweer gevoerd, waardoor de rechter voldoende informatie kreeg over de incassowerkwijze. Naar aanleiding van het rapport "Schulden klein houden en perspectief bieden" is het kabinet voornemens de mogelijkheden voor minnelijk incasseren via een collectief afbetalingsplan te versterken. Mocht de schuldeiser toch gaan dagvaarden, dan zal de rechter bij de beslissing over de proceskosten moeten meewegen of de procedure noodzakelijk was voor de inning van de vordering.
In deze casus werd een betalingsregeling verzocht na ontvangst van een dagvaarding. Het is wenselijk dat de hiermee samenhangende nadelen worden meegenomen in de aangekondigde wetswijziging. Momenteel heeft de schuldeiser twee mogelijkheden: de zaak van de rol halen (waarbij geen griffierecht verschuldigd is, maar opnieuw gedagvaard moet worden bij niet-nakoming) of de zaak doorzetten (met griffierechten als nadeel). Een verbetering zou zijn als het mogelijk wordt de rechtbank te vragen de zaak aan te houden bij overeenstemming over een betalingsregeling, om beide nadelen te voorkomen.
Ervaringen van Consumenten
Er zijn meldingen van consumenten die nog steeds worden gebeld door Basic-Fit met betrekking tot openstaande rekeningen, terwijl deze volgens hen niet bestaan. Dit leidt tot waarschuwingen om niet bij Basic-Fit te gaan sporten. Op consumentensites zijn veel klachten te vinden over het bedrijf. Het advies is om bij tijdige en aangetekende verzending van een opzegbrief, je niet meer druk te maken over eventuele afschrijvingen; in dat geval kan een selectieve blokkade bij de bank worden ingesteld.
Er zijn ook meldingen van personen die nooit lid zijn geweest van Basic-Fit, maar toch aanmaningsbrieven ontvangen voor betalingsachterstanden. Dit zou gebeuren wanneer een eerdere sportclub door Basic-Fit is overgenomen, terwijl men al lang geen lid meer was. Er zijn meldingen van "spookafschrijvingen" en klachten over malafide praktijken. In dergelijke gevallen is er geen betalingsverplichting aan Basic-Fit. Het wordt aangeraden om de eigen zaken goed op orde te hebben mocht het bedrijf moeilijk gaan doen.
Er zijn voorbeelden van situaties waarbij na het overlijden van een persoon nog incasseringen plaatsvonden, terwijl de familie nooit met Basic-Fit te maken heeft gehad. Dit duidt op mogelijke problemen die de aandacht van overheid en justitie verdienen.
Elementen van een contract
Er zijn incassobureaus die gratis hulp bieden bij dergelijke zaken, te vinden via internet.
Een rechterlijke uitspraak van 7 januari 2026 in Utrecht heeft een grens getrokken in een zaak tussen Basic-Fit en een consument. De rechter oordeelde dat de constructie waarbij de toegang geblokkeerd kan worden bij een betalingsachterstand, terwijl de betalingsverplichting doorloopt tot het einde van de minimale abonnementsduur, niet door de beugel kan. Dit leidt ertoe dat een consument moet betalen, maar geen gebruik kan maken van de dienst. Daarnaast woog zwaar mee dat Basic-Fit de rechter niet volledig informeerde, met weggelakte of niet overgelegde correspondentie en gegevens. Van een professionele partij die structureel procedeert tegen consumenten mag volledige en transparante informatie worden verwacht. De sanctie was fors: de vordering werd volledig afgewezen en Basic-Fit moest de proceskosten betalen.

tags: #basic #fit #betalingsachterstand